Over Jan

Home » Over Jan

Clubicoon, publiekslieveling, legendarische midvoor en Willem II’er van de Eeuw. Slechts weinig spelers die ooit het rood-wit-blauw droegen hebben zo’n grote indruk achtergelaten als Jan van Roessel. Maar wie was deze jongen van het volk precies? En waarom willen de supporters van Willem II nu juist van hem een standbeeld oprichten als eerbetoon aan alle spelers uit de rijke historie van de club?

Jan van Roessel werd op 7 april 1925 geboren aan de Bosscheweg in Tilburg en ging als jeugdspeler voetballen bij de club uit zijn wijk: LONGA. Al op 15-jarige leeftijd debuteerde hij daar in het eerste elftal. De jonge midvoor maakte snel naam vanwege zijn vele doelpunten en enorme kopkracht. Zijn prestaties bleven ook buiten Tilburg niet onopgemerkt: op 16 juni 1949 debuteerde de topscorer van LONGA in het Nederlands Elftal. Mede dankzij twee doelpunten van Van Roessel won Oranje in Helsinki met 1-4 van Finland.

In 1951 haalde de legendarische Tsjechoslowaakse trainer dr. Frantisek Fadrhonc de midvoor naar Willem II. Dat was een gevoelige overstap. LONGA was de club van de ambtenaren, terwijl rivaal Willem II de club van de elite was. Maar Van Roessel was niet vergeten dat LONGA eerder een transfer naar NAC had tegengehouden door bij de KNVB te melden dat de Bredanaars hem zouden betalen. Salarissen voor voetballers waren in deze tijd een taboe en Van Roessel werd voor een jaar geschorst.

Bij Willem II groeide Jan van Roessel uit tot een clubicoon. Hij maakte er deel uit van het elftal dat in 1952 landskampioen van Nederland werd. De voorhoede van dit elftal, bestaande uit Toon Becx, Sjel de Bruyckere, Piet de Jong, Jo Mommers en Van Roessel, werd in het hele land bewonderd. Met name de uitstraling van grote, fysiek sterke Van Roessel boezemde de tegenstander angst in.

Na het kampioenschap ontstond er opnieuw interesse van andere clubs voor de Tilburgse midvoor. Ditmaal vanuit het buitenland. De Italiaanse clubs Sampdoria, Torino, Fiorentina en de Franse landskampioen Nice wilden Van Roessel inlijven en boden enorme salarissen. De gewilde speler vertrok naar Italië voor contractbesprekingen, maar eenmaal terug in Tilburg besloot hij Willem II trouw te blijven. Zo kon hij in zijn geliefde stad blijven wonen, waar hij overdag werkte als textielarbeider en later als staalwever. Daarnaast zorgde de club dat Van Roessel niets tekort kwam.

Met Van Roessel in de spits werd Willem II in 1955 opnieuw landskampioen en de veelscorende midvoor groeide uit tot het symbool van het succesvolste elftal in de geschiedenis van de club. In 169 wedstrijden wist Van Roessel liefst 152 keer te scoren. Daarnaast kwam hij zes keer uit voor het Nederlands Elftal, waarin hij vijf keer doel trof.

In 1958 stopte Van Roessel met voetballen, maar hij bleef ‘zijn club’ Willem II de rest van zijn leven nauw volgen. Hij bezocht alle thuiswedstrijden en genoot van de waardering die hij voelde als hij onder de supporters kwam. Zo ging hij in 2004 op uitnodiging van jongere fans zelfs mee naar een uitwedstrijd tegen De Graafschap. In 1999 werd Van Roessel uitgeroepen tot Willem II’er van de Eeuw. 

Op 3 juni 2011 overleed onze legendarische midvoor in de stad die hij altijd trouw bleef.